Je herkent het vast wel. Je meldt je bij de balie van de prikpost, waar de medewerkster je vraagt: “Bent u nuchter?”  Het is mij nooit duidelijk geweest wat ze met deze vraag bedoelde. Of ik gegeten had? Of dat ik mijn medicatie al had ingenomen? Het bleek het eerste te zijn, maar na eigen onderzoek blijkt dat het logischer te zijn als ze met deze vraag het innemen van medicatie had bedoeld.

Moet je nuchter zijn voor bloedprikken?

Moet je nu wel of niet nuchter bloedprikken? Hoe zit het nu? Ik zal het je uitleggen.

Je slikt alleen T4 medicatie:

De standaardbehandeling van een trage schildklier bestaat uit levothyroxine. Tabletten levothyroxine (T4) zijn verkrijgbaar in diverse merken en merkloze geneesmiddelen. De meest bekende zijn Thyrax, Euthyrox, Tirosint en Teva.
T4-medicatie heeft een halfwaarde tijd van 9 dagen. Dit betekent dat het negen dagen duurt voordat 50 % van de T4 door het lichaam is afgebroken en afgevoerd uit het lichaam. De hoeveelheden T4 in het lichaam zijn hierdoor vrij stabiel. Er ontstaan geen sterke schommelingen in je bloedwaarden TSH en T4. Zelfs niet wanneer je een dosis vergeet. Er is echter één uitzondering op deze regel en dat is in de twee uur nadat je je T4 medicatie hebt ingenomen. Op dit moment piekt je T4 waarde.

Voor een accurate T4-meting is het verstandig om je T4 direct ná het bloedprikken in te nemen of ruim drie uur vóór het bloedprikken. Hiermee voorkom je een valse hoge waarde van je T4.

Je slikt een combinatie T4 en T3 medicatie:

Wanneer je naast T4 ook een T3 medicatie slikt, zoals Cytomel of een combinatiemedicijn slikt zoals Armour Thyroid, Thyreoïdum of Thyroid Erfa dan gelden andere omstandigheden. T3 heeft een halfwaarde tijd van tussen de 18 uur en de drie dagen. Dit betekent dat het tussen de 18 en 72 uur duurt voordat 50 % van de T3 door het lichaam is afgebroken en afgevoerd uit het lichaam. Afhankelijk van hoe snel jouw lichaam deze hormonen afbreekt kunnen er dus sterkere schommelingen ontstaan in de hoeveelheid actief schildklierhormoon én je TSH. Direct na het nemen van T3 medicatie daalt je TSH-waarde. Dit houdt vijf uur aan. In de dertien uur die daar op volgen stijgt je TSH weer, waarna het stabiel blijft tot de volgende dosis T3. 

Voor een accurate TSH-meting is het verstandig om de T3 pas ná het bloedprikken in te nemen. Of het bloedprikken pas 13 uur na inname van je medicatie in te plannen.

Direct na het nemen van T3 medicatie stijgt je T3 -waarde. Dit houdt eveneens vijf uur aan.
Prik je bloed binnen deze vijf uur, dan kan het zijn dat je een vertekende uitslag ziet. Zo zal een bloeduitslag hoger lijken dan deze eigenlijk is en loop je het risico op onderdosering. En wanneer je bloedwaarde T3 door je artsen als te hoog wordt gezien, kan het zijn dat je juist goed was ingesteld. Je loopt dus het risico dat je artsen je dosis onterecht naar beneden bijstellen.

Voor een accurate T3-meting is het verstandig om T3 pas ná het bloedprikken in te nemen. Ga zo vroeg mogelijk in de ochtend en neem je medicatie direct na het prikken in!

 

Als je dit zo allemaal op een rijtje ziet, zou je verwachten dat ze met nuchter doelen op je medicatie. En zou je verwachten, dat artsen je adviseren om nuchter, dus vóór het innemen van je medicatie, bloed te prikken! Ik ben benieuwd of jouw bloedwaarden anders uitpakken als je deze spelregels hanteert. Laat hieronder een reactie achter?

PS: Wil je meer weten over de invloed van voedingsmiddelen op de opname van schildkliermedicatie? Lees dan het blog dat ik hierover schreef: ‘Hoe slik jij je T4’

Aan de slag

Wil jij nog veel meer leren over je schildkliermedicatie, het optimaal uitvoeren van bloedonderzoeken en het interpreteren van je bloedwaarden? Dan is de e-cursus Boost je Schildklier Gezondheid wellicht iets voor jou?

  • Weet welke bloedwaarden te monitoren.
  • Begrijp de uitslag.
  • Leer hoe jij je waarden kunt optimaliseren.
  • Haal het meeste uit jouw artsbezoek.

Kortom: krijg weer grip op je bloedwaarden. Check hier voor alle informatie over deze complete e-cursus voor mensen met een trage schildklier.

Misschien vind je dit ook interessant…

Leptineresistentie en de trage schildklier

Leptineresistentie en de trage schildklier

Leptine is het verzadigings-hormoon dat wordt geproduceerd door de vetcellen. Leptine houdt de hersenen op de hoogte van de status van de  brandstofvoorraad. Vet is immers opgeslagen brandstof. Wanneer de vetcellen groeien geven zij met  leptine het signaal dat er...

Lees meer
Insulineresistentie en de trage schildklier

Insulineresistentie en de trage schildklier

Insuline is een hormoon dat wordt geproduceerd door in de alvleesklier, waar ook de verteringsenzymen geproduceerd worden. Insuline is betrokken bij de opname van glucose in de cellen en is ook vooral bekend door het verlagen van de bloedsuikerspiegel. Toch heeft...

Lees meer
Osteoporose en de schildklier

Osteoporose en de schildklier

Schildklierhormoon beïnvloedt bijna elke cel in het lichaam, zo ook de cellen in je botten. Een teveel of te weinig schildklierhormoon heeft daardoor ook gevolgen voor de botstructuur en de botsterkte. In dit artikel beschrijf ik de link tussen schildklierhormoon en...

Lees meer